
7 vragen met het ADAM Quartet
Op woensdag 21 oktober speelt het ADAM quartet in de Zuiderkerk het concert Glass & Beyond tijdens ADE, met scenografie van Wes Broersen.
1. Jullie spelen Philip Glass’ derde strijkkwartet, Mishima, in de Zuiderkerk. Wat trekt jullie in dit werk?
‘Het stuk is oorspronkelijk geschreven voor de film Mishima van Paul Schrader, en dat filmische karakter hoor je terug: de muziek roept beelden en sferen op zonder dat je die beelden eigenlijk hoeft te zien. Je kan als het ware je eigen film bij deze muziek bedenken. Het stuk heeft meerdere delen, die in de film horen bij bepaalde periodes van het leven van Mishima. Voor ons als kwartet is het de uitdaging om elk van die delen zo mooi mogelijk te vertolken. Ook vraagt het stuk veel aandacht en precisie. Waar je in romantische klassieke muziek vaak om een melodie draait, gaat het bij deze muziek vooral om pulse en herhaling, die de luisteraar in een soort trance brengen.’
2. Glass zei zelf dat hij muziek wilde maken van heel weinig materiaal. Hoe houd je als musicus een stuk boeiend als het zo sterk op herhaling en subtiele verschuivingen draait? en hoe hou je je hoofd erbij? Is het moeilijk om je te concentreren?
‘Het spelen van de muziek van Glass vraagt om een andere soort concentratie dan andere klassieke muziek. Er komt inderdaad veel herhaling in voor wat de muziek van Glass ook die herkenbare “trance”-achtige vibe geeft. Dat zorgt wel dat je extra goed moet opletten waar je precies bent in de muziek. Juist omdat de akkoorden heel subtiel veranderen moet je echt je hoofd erbij houden. Het publiek mag in trance raken, wij moeten vooral blijven tellen!’
3. De Zuiderkerk is een indrukwekkende ruimte met een eigen akoestiek. Wat doet die ruimte met de muziek van Glass, denk je?
‘Spelen in een kerk is altijd een cadeautje omdat je er gratis versterking en galm bij krijgt! Tegelijkertijd brengt het een uitdaging met zich mee, omdat bepaalde details verloren kunnen gaan als je het op eenzelfde manier speelt als in een ruimte met een droge akoestiek. Het vraagt dus om een andere manier van spelen, gearticuleerder, misschien andere keuzes wat betreft de tempi. Maar de mooie akoestiek zal de trance-achtige sfeer van Glass zijn muziek alleen maar ten goede komen wanneer wij hier (letterlijk) op inspelen. Bovendien is de sfeer in de Zuiderkerk heel bijzonder en straks nog indrukwekkender met de scenografie van Wes Broersen.’
4. Tussen de stukken van Glass spelen jullie muziek van Caroline Shaw, Geerten Feller en Bach. Hoe hebben jullie dit programma opgebouwd, en waarom?
‘Wij vroegen ons af welke muziek mooi naast Glass kon staan en ook wat we wilden laten horen aan nieuw publiek. De trance-achtige sfeer was het startpunt van ons programma. Bach is een componist die in dit programma eigenlijk niet mocht ontbreken. Zijn muziek is geniaal en legde de basis voor klassieke muziek van vandaag de dag. Muziek van Bach brengt een bepaalde vervoering met zich mee. Zijn muziek is voortdurend in beweging en ontwikkeling, net als bij Glass. De muziek van Feller is net als Glass “minimal music”, en vertelt dus met subtiel materiaal een eigentijds verhaal. De muziek van Shaw bestaat ook uit terugkerende muzikale thema’s terwijl ze de veelzijdigheid van een strijkkwartet laat horen, met allerlei verschillende technieken en effecten. Zowel Shaw als Feller zijn leeftijdsgenoten van ons en we vinden het belangrijk te laten horen dat klassieke muziek iets is dat nog altijd actueel is.’
5. Bach naast Glass is op papier een logische combinatie. Waar hoor jij als speler de verwantschap, en waar juist het contrast? Hoort de luisteraar dat ook?
‘Bij allebei speelt de ontwikkeling van muzikaal materiaal een grote rol. Een klein motief kan het uitgangspunt zijn voor een heel stuk, en door herhaling krijgt dat motief steeds meer betekenis. Ook vraagt de muziek van zowel Bach als Glass om een sterk gevoel voor structuur en timing. Je moet als kwartetlid niet alleen je eigen partij spelen, maar voortdurend begrijpen hoe jouw stem zich verhoudt tot de andere stemmen.Het verschil zit voor ons vooral in de manier waarop de muziek zich ontwikkelt. Bij Bach is er vaak een voortdurende beweging tussen de stemmen: ze reageren op elkaar, nemen ideeën over en ontwikkelen die verder. Bij Glass kan de verandering veel geleidelijker zijn. Je blijft langer binnen hetzelfde klanklandschap, maar de herhalende motieven maken toch dat je het gevoel krijgt dat je meegezogen wordt. We denken dat luisteraars de overeenkomsten zeker kunnen ervaren, ook zonder de muziek theoretisch te kennen of te analyseren. Misschien horen ze vooral dat beide componisten je op een bepaalde manier meenemen in de tijd. Bij Bach ervaar je beweging en ontwikkeling en waan je je misschien terug in de tijd (zeker in de Zuiderkerk) en bij Glass word je meegenomen in een trance en waan je je meer in het nu.’
6. Het concert maakt deel uit van het Amsterdam Dance Event. Zien jullie een link tussen Glass en dansmuziek?
‘Absoluut. Wat ons aanspreekt in die verbinding is het belang van puls, herhaling en de fysieke ervaring van muziek. Bij dansmuziek ontstaat vaak een trance-achtige toestand doordat een ritme terugkeert en kleine veranderingen langzaam hun effect hebben. Bij Glass gebeurt iets vergelijkbaars. De muziek kan je lichaam en je waarneming meenemen, ook al zit je stil te luisteren.Er is natuurlijk een verschil in klankwereld en context, maar de uiteindelijke ervaring kan dicht bij elkaar liggen. In beide gevallen gaat het niet alleen om een melodie of een verhaal, maar ook om wat muziek, ritme en herhaling met je doen.’
7. Wat hoop je dat het publiek ervaart deze avond?
‘We hopen dat mensen echt kunnen genieten van dit concert, net als ze dat kunnen bij andere events tijdens ADE. We hopen dat ze even uit de dagelijkse sleur stappen en de tijd kunnen nemen om te luisteren en muziek te ervaren. Dat ze zich thuis voelen en zich kunnen herkennen in de muziek, maar tegelijkertijd verrast worden. En we hopen ze natuurlijk terug te zien bij andere klassieke concerten!’